Basisreeks - Cultuur & WNT - PO groep 1

Kunstkracht

Hoe werkt water?

De leerlingen leren te begrijpen en te ervaren hoe water werkt. Ze leren hoe de waterkringloop werkt, hoe een regenbui klinkt, hoe smelten en vriezen werken, hoe water mengt met verschillende ondergronden en hoe je bewegend water kunt stoppen. De leerlingen gaan aan de slag met schilderen, ruimtelijk bouwen en construeren en leren verschillende kleuren en materialen mengen.


Les 1: De leerlingen onderzoeken hoe regen ontstaat. Ze leren hoe je regen kunt opvangen en neerslag kunt meten.

Les 2: De leerlingen leren hoe regen klinkt door te observeren en zelf regengeluid na te bootsen. Zij experimenteren met hun eigen lijf en maken een rainmaker.

Les 3: De leerlingen leren de verschillende hoedanigheden van water herkennen en benoemen.

Les 4: In deze les leren de leerlingen wat er gebeurt als water op zand valt en als je water met verschillende soorten zand en potgrond mengt. Met de substanties leren ze te schilderen door gebruik van verschillende gereedschappen.

Les 5: De leerlingen leren hoe je water kunt stoppen door het aanleggen en gebruiken van dammen. Ze leren hoe je over water heen kunt lopen d.m.v. een brug.

Log in om lesmateriaal te downloaden.

Over deze lessenreeks
Discipline Cultuur & WNT
Thema Beeldende kunst en water
Doelgroep PO
Niveau Basisreeks
Aantal lessen 5

Benodigdheden

  • Een glazen pot met deksel, gevuld met 100 ml heet water.
  • Plastic doorzichtig flesje zonder wikkel met zand.
  • Heel veel ijsklontjes.
  • Zandtafel of zandbak.
  • Vier dienbladen, zestien bakjes/bordjes en vier waterkannen.
  • Rijst, spliterwten en macaroni, steentjes of knikkers. Evt. een rainmaker
  • Bodemmaterialen: gewoon zand (uit zandbak), schelpenzand, (supermarket/dierenwinkel), potgrond en aarde.
  • Divers plastic: vuilniszakken, boterhamzakjes en diversen zoals bijv. zakjes, folie en tasjes.
  • Materiaal om dammen te bouwen: stenen, plaatjes, stokjes, takjes etc.
  • Evt. materiaal om bruggen te bouwen: ijsstokjes, stukjes hout, plaatjes.
  • Gereedschap: merkstift/markeerstift, meetlint/liniaal, scharen, tape en een plantenspuit.
  • Knutselmateriaal: rollen van karton of isolatiebuizen, aluminiumfolie of spijkers, elastiekjes, stof/tape/crêpepapier, papier en evt. een (behang)rol, koffiefilters of bakpapier.
  • Waterverf, schoolverf en divers schildermateriaal zoals rietjes, takjes, pipetjes, lepels, kwasten, slangetjes, slacentrifuge en wattenstaafjes.
  • Een camera.
  • Evt. karton of stokjes, een maatbeker, zout, materiaal om bootjes te maken (piepschuim/foam, prikkers, plastic voor zeil, kurk).

Overige informatie

Per les kun je kiezen uit verschillende suggesties en onderzoeksvragen. Het is een vrije keuze om een of meerdere onderdelen aan te bieden en een of meerdere onderzoeksvragen te proberen te beantwoorden. Het is zeker wenselijk om in te spelen op vragen en ideeën die de leerlingen zelf inbrengen en de ideeën die je zelf hebt. Zie dit lesplan als een handvat, een mogelijke richtlijn.

Mijn Cultuurweb

Log hier in voor je eigen educatieoverzicht of meld je aan.